Samen spelen, samen delen. De hype die deeleconomie heet

Deeleconomie of Sharing Economy, het klinkt nobel en idealistisch. Consumenten delen hun spullen met anderen. Maar van delen is geen sprake.  Tijd voor een hypecorrectie.

Airbnb, BlaBlacar, Menu Next Door, Flavr (gerechten aan huis), babysitdienst Bsit,  ListMinut (klusjes), allemaal platforms die zichzelf onder de deeleconomie scharen, of worden geschaard.

peers-org

Wat is de definitie van deeleconomie?

Een echt duidelijke definitie is er niet. Vaak een teken aan de wand, het kan zo ingevuld worden als wenselijk is.  Deeleconomie staat immers niet in de Dikke Van Dale. Op Wikipedia wordt er wel een definitie van gegeven:

De deeleconomie is een socio-economisch systeem waarin delen en collectief consumeren centraal staat. Het gaat om gezamenlijk creatie, productie, distributie, handel en consumptie van goederen en diensten.

Een andere definitie:

Binnen de deeleconomie consumeren, produceren en verhandelen mensen onderling producten, diensten, kennis en geld, gefaciliteerd door peer-to-peer marktplaatsen, business-to-business marktplaatsen en coöperatieven.

Het lijkt verdacht veel op reguliere economische principes. Consumeren, produceren en verhandelen, dat bestaat al een paar eeuwen. Echter, omdat mensen dit nu onderling gaan doen, wordt het ineens ‘deeleconomie’ genoemd. Een kraampje op een vlooienmarkt huren en jouw eigen spullen daar verkopen, valt dan blijkbaar ook onder deze definitie.

22_Tumblr_2015_innovatie_DEF

Het klinkt ook goed; ‘delen’. In dezelfde stijl als ‘duurzaamheid’ en ‘maatschappelijk verantwoord ondernemen’. De berg met spullen kleiner maken, want immers, waarom zou je nog nieuwe goederen kopen als je het van een ander mag lenen? Let op dit laatste woord, lenen. Er is inmiddels definitieverwarring ontstaan naar mate er meer ‘deelplatforms’ uit de grond plopten; wat is het verschil tussen ruilen, delen, lenen en verhuren.

Definitieverwarring

Ruilen:
Ruilen is het direct uitwisselen van goederen, diensten of producten, zonder dat er gebruikgemaakt wordt van een vergelijkende standaard als geld, goud, olie, aandelen, graan of een ander betaalmiddel.

Delen:
Delen is samen met een ander gebruiken. Het aan andere gebruikers beschikbaar stellen van hulpbronnen. Zonder tegenprestatie.

Lenen:
Lenen is zonder betaling tijdelijk iets van een ander gebruiken en het later teruggeven.

Verhuren:
Verhuren is iets tijdelijk door iemand tegen betaling laten gebruiken. Voorbeeld: Een vakantiehuisje verhuren.

Bovenstaande maakt de onderlinge verschillen direct duidelijk. Verhuren klinkt gewoon niet sexy, te kapitalistisch, daar wil je eigenlijk ook niet mee geassocieerd worden. Deeleconomie is het nieuwe Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). Natuurlijk hoppen banken en bedrijven dan op die trein. Dit staat geweldig in het jaarverslag, de wereld weer een beetje beter gemaakt door te participeren in de deeleconomie. ‘Van Bezit naar Toegang’ wordt ook vaak geroepen, maar die toegang kost wel geld. Dan zouden Spotify en Netflix ook onder de deeleconomie vallen.

Opvallender daarom is dat ING de volgende definitie voor de deeleconomie neerzet:

Met ‘echte’ deeleconomie verwijzen we naar alle activiteiten waarbij particulieren hun goederen of arbeid zonder winstoogmerk ter beschikking stellen van andere particulieren, waardoor zij er samen van kunnen genieten.

Voor mij is dit bijna de juiste definitie. Ik zou het echter nog krachtiger neerzetten en definiëren dat er helemaal geen geldstroom mag zijn, wanneer er over deeleconomie gesproken wordt. Neem eens een kijkje bij de initiatieven die onder de deeleconomie vallen:

“Bij de Deelkelder word je tegen betaling lid..”.  Hier een staffel van de Deelkelder waar menig verhuurbedrijf jaloers op zou zijn:
Deelkelder

Hartstikke goed initiatief natuurlijk, maar waarom valt dit onder de deeleconomie? Bij diverse bedrijven kan ik ook een lidmaatschap per maand afnemen, betalen en hun product lenen. De Deelkelder is niets anders dan een verhuurbedrijf. De bibliotheek scharen we ook niet ineens onder de deeleconomie.

sharing_0_0

Een ander prominent deel-initiatief: HeelNederlandDeelt. Op de website staat: “HeelNederlandDeelt is de eerste, algemene deelwebsite van samenwerkende deelplatformen voor iedereen in Nederland. Op HeelNederlandDeelt.nl kan iedereen in Nederland alles met elkaar delen. Spullen, gereedschap, auto’s, diensten, klusjes, zorg, kennis en nog veel meer kan je tijdelijk uitlenen of verhuren aan buurtbewoners.” Maar liefst 5x het woord ‘delen’ in de tekst en 1x ‘verhuren’. Dit platform ademt ook weer idealisme uit, bijna te mooi om waar te zijn.

Het is dan ook jammer dat het in de uitleg bij stap 3 het al fout gaat:

Stap 3: Help elkaar en verdien

Op HeelNederlandDeelt.nl kan je gratis een klus plaatsen of spullen, gereedschap en nog veel meer gratis lenen of uitlenen aan iedereen in je buurt. Voor transacties met een waarde vanaf €10,- rekenen wij aan de verhuurder/uitlener dan wel aan de opdrachtnemer van een klus of een taak een service fee van 20% (incl. BTW.) Leen je bijvoorbeeld je auto uit voor €50,- dan vragen wij €10,- transactiefee. Doe je een schilderklus voor €10,- dan vragen wij €2,- transactiefee.

Zie hier, een businessmodel. Zowel HeelNederlandDeelt als degene die zijn product wil ‘delen’ verdient hieraan. Weg idealisme, gewoon wederom een verhuurplatform waar ook de middleman (het platform) zijn fee pakt.

Nog een voorbeeld dat altijd onder de Deeleconomie wordt geschaard: BlaBlaCar. “Verbindt bestuurders met vrije zitplaatsen met passagiers op zoek naar een rit”. Dit klinkt ook weer goed, minder auto’s op de weg, beter voor het milieu en de maatschappij. Ook hier rammelt echter de uitleg:

Wees op tijd op de ontmoetingsplaats. Denk er ook aan om het juiste bedrag mee te nemen zodat je de bestuurder meteen in de auto kan betalen. Tenzij je al online hebt betaald.

Een soort Uberpop (verboden in Nederland), maar het is toegestaan omdat je zelf ook die kant op gaat. Niettemin is het niets anders dan een verkapte taxidienst waar je gewoon voor moet betalen, een verhuurdienst dus.

Met AirBnB, geroemd als grote roerganger in de deeleconomie, kun je als particulier jouw huis of kamer ‘delen’ met anderen. Waarom is dit anders dan bv Bastion Hotel? Zij stellen ook hun kamers ter beschikking of mooier gezegd, zij delen ook hun kamers met particulieren. Voor zowel het Bastion Hotel als kamers/huizen via AirBnB moet betaald worden. Waarom is het één dan delen en het ander een kamer huren in een hotel?

CnoUt5QXEAAUzeQ

Hoe bizar dit verhaal ook leest (zij liever dan ik), maar het heeft niets met de Deeleconomie te maken. Het is een betaalde dienst om de shit achter jou op te ruimen. Ideaal, maar delen is het natuurlijk niet. Ja, de hond deelt gratis zijn behoefte met de wereld.

Particuliere verhuur

Er is niets mis met het verhuren van goederen en huizen door particulieren. Er is ook niets mis met belangeloos delen van goederen en diensten. De keerzijde van dat beiden is, dat als het echt een vlucht gaat nemen, veel middenstanders het loodje zullen leggen. Als steeds minder mensen nieuwe goederen en diensten gaan kopen, maar van elkaar gaan huren, zorgt dit er voor dat de toch al kwakkelende middenstand een forse knauw krijgt. Hier hoor je de deeleconomen dan weer niet over. Peerby is het enige deelplatform dat hier de uitzondering op vormt en ook mag rekenen op een groeiend aantal leden.

rule10_final-Conflict-1024x810

Laten we het beestje bij de juiste naam blijven noemen. Het is particuliere verhuur, geen deeleconomie. 99,9% van de deelplatforms heeft niets met delen te maken, maar van ‘ordinaire’ verhuur, waar drie partijen van geld wisselen (de verhuurder, de huurder en het platform zelf).

Samen spelen, samen delen

Ik leer mijn kinderen, ‘samen spelen, samen delen’. Elke ouder weet dat dit een lastig principe voor kinderen is. Ik wil graag mijn kinderen blijven leren dat ze een stuk speelgoed met zus/broer/ander kind moeten delen zonder dat ze verwachten dat het andere kind hiervoor betaalt of een lidmaatschap afneemt.  De deeleconomie pur sang bestaat alleen in gezinnen en op kleuterscholen.

Prik de deelbubbel door en benoem voortaan zaken zoals ze zijn. Als we deze initiatieven in een nieuwe economie proberen te duwen, zijn we langer onderweg. We kunnen beter op zoek gaan naar een goede plaats in de huidige economie.

Delen

2 gedachten over “Samen spelen, samen delen. De hype die deeleconomie heet”

  1. Dank Martijn voor jouw uitgebreide toelichting! Ik denk dat je treffend een van de problemen beschrijft: “We vergeten vaak dat de ondernemers achter de grote commerciële platformen veelal hele slimme marketeers, strategen en merkbouwers zijn.” Hier kwam ook mijn verwondering/afkeer vandaan tegen het woord Deeleconomie. Met geld verdienen is niets mis, maar goedbedoelde initiatieven zoals ‘delen’ worden er wel vaak voor misbruikt.

  2. Wanneer het gaat om deeleconomie dan hanteer ik altijd de definitie van Frenken en Meelen:

    “Deeleconomie is het fenomeen dat consumenten elkaar tijdelijk gebruik laten maken van hun onderbenutte consumptiegoederen, eventueel tegen betaling”

    Belangrijke pijlers zijn hier in: onbenut, goederen en c2c. Het platform faciliteert en zorgt er voor dat de vraag en aanbod tot op micro niveau en on demand zichtbaar is, zorgt er voor dat de (vaak wildvreemde) gebruikers elkaar vertrouwen en faciliteert praktisch de transactie.

    Om een beter overzicht te krijgen wat in deze definitie nu deeleconomie is en hoe andere diensten zich verhouden tot de deeleconomie raad ik je aan om dit stuk te lezen:

    http://www.mejudice.nl/artikelen/detail/wat-is-nu-eigenlijk-deeleconomie

    In de alinea onder het figuur staat een duidelijk praktisch voorbeeld.

    De motivatiefactoren voor mensen om mee te doen in de deeleconomie zijn geld, duurzaamheid en sociaal. Nu kun je een hoop vinden of geld en delen in één woord zijn te verzoeken, maar doorgaans zijn de modellen zo opgezet dat initiatieven een bijdrage in de kosten opleveren. Oftewel: je wordt er niet rijk van.

    In de ING definitie zit overigens ook de factor arbeid. Alleen kan niemand zeggen dat de tijd die jij vanavond inzet om TV te kijken op de bank onbenut is.

    Hetgeen jij in je stuk als deeleconomie omschrijft, wordt internationaal aangemerkt als de collaborative economy of platform economy. Dit is een veel breder begrip waar het eindelijk neerkomt op dan individuen via peer2peer platformen transacties met elkaar doen. Crowdfunding, deeleconomie, gig economy (arbeid) en crowdsourcing vallen onder deze definities.

    De meeste discussies in de media gaan dan ook helemaal niet over deeleconomie, maar over (peer2peer) platform economie. Het grote manko nu is dat er nog geen goede (breed geaccepteerde) Nederlandse term is. Experts zijn het er al over eens, nu de rest nog. Daarnaast vergeten we vaak dat de ondernemers achter de grote commerciële platformen veelal hele slimme marketeers, strategen en merkbouwers zijn.

    Ik gebruik zelf sinds 2012 collaborative economy (vandaar ook mijn site http://www.collaborative-economy.com), maar voor een ander platform initiatief heb ik toch gekozen voor de naam http://www.deeleconomieinnederland.nl. Puur omdat mensen het anders nog niet snappen. Zodra er een betere geaccepteerde term is zal ik de URL direct aanpassen.

    Zoals je merkt kan ik hier nog uren over ‘doorpraten’, maar als laatst wil ik nog opmerken dat we af moeten van de strikte scheidslijn tussen ‘goed doen’ en ‘geld verdienen’. Waarom? De meeste projecten die ‘goed doen’ doen hele goede en toffe dingen, maar leven van goodwill en subsidies. Dat is geen duurzaam model en gaat (in 99,9% van de gevallen) op den duur mis. De puur kapitaal gedreven platforms gaan voor de korte termijn winst (vaak door VC’s gefund), waardoor zij vooral korte termijn beslissingen nemen. Ook niet goed voor lange termijn en ook geen duurzaam model. Ik ben voor een ‘best of both worlds’ model. Niet eenvoudig, maar wel het beste.

    Een platform opzetten, werkend maken en onderhouden / uitbouwen kost tijd en geld en is een vak. Daarmee geld verdienen is geen probleem. Zolang je je grenzen maar kent.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.