Hoe invloedrijk mag de FNV nog zijn?

“Actie! Actie! Actie!”. Om de zoveel maanden klinkt deze kreet vanaf het Malieveld in Den Haag, het veld staat dan vol met een paar duizend stakers, voornamelijk opgezweept door de FNV Vakbond. De machtige en grootste vakbond van Nederland heeft een belangrijke rol in de loon- en pensioenonderhandelingen. Maar hoe lang houdt de FNV met haar vergrijzende achterban dit nog vol en vooral, is deze prominente rol aan de onderhandelingstafel nog wel terecht?

Longread door Bas Vermond

Vakbonden, werkgevers en het kabinet presenteerden begin juni na 9 jaar onderhandelen het ultieme polderkindje ‘het pensioenakkoord’. Zelfs het bestuur van stakingsreus FNV was tevreden en gaven aan het onderhandelingsresultaat te steunen. Er moest alleen nog een formaliteit gepleegd worden, de FNV wilde een ledenraadpleging houden voordat zij zouden in stemmen met het akkoord. En zo geschiedde het dat het pensioenlot van miljoenen Nederlanders in handen kwam te liggen van 105 FNV-leden.

De FNV had zich niet onberoerd gelaten in het pensioendebat. De eisen waren duidelijk, vooral het ‘bevriezen’ van de pensioenleeftijd en het opnieuw indexeren van de pensioenen waren speerpunten en de FNV heeft hier ook diverse keren voor gestaakt.

De FNV heeft overigens bestuursleden zitten in nagenoeg alle grote pensioenfondsen. Deze FNV-bestuursleden beslissen mee als het gaat om het beleggen van het vermogen van de pensioengerechtigden en zijn verantwoordelijk voor de dekkingsgraad van het pensioen en de beslissing of het pensioen moeten worden geïndexeerd. Het is dubbel dat de FNV-ers aan allebei de kanten van de tafel zitten in het pensioendebat. De FNV is dus op het oog een grote en belangrijke partij in de pensioenonderhandelingen. De cijfers laten echter een ander beeld zien.

De achterban

Er is groot verschil tussen verschillende leeftijdsgroepen van vakbondsleden. Oudere werknemers zijn vaker lid zijn dan jongeren. Gemiddeld is net geen één op de vijf werkenden in Nederland lid van een vakbond. De FNV zegt zelf ‘ruim 1 miljoen leden’ te hebben. Wat ‘ruim’ inhoudt, blijft onbekend, de FNV publiceert al jaren geen jaarverslag meer. Sinds het begin van de eeuw kromp het ledenbestand van de FNV met 170 duizend mensen. In 2013 was de daling het sterkst, toen nam het ledenaantal met 57.000 personen af ten opzichte van een jaar eerder.

Tussen 2012 en 2017 verloor de FNV bijna 100.000 leden in de leeftijdscategorie 25 tot 45 jaar. Een gigantisch aantal, dit terwijl deze groep nog decennia moet werken. Ook de grootste groep leden, die tussen de 45 en 65 jaar, verliet en masse de vakbond, ruim 60.000 leden zegden tussen 2012 en 2017 hun lidmaatschap op. In twintig jaar tijd is de FNV naar schatting zo’n 200.000 leden kwijtgeraakt.

75% van de FNV-leden is ouder dan 45 jaar en 40% is boven de zestig jaar. Ruim een vijfde van de leden is zelfs al met pensioen, maar bepaalt nog steeds mee over de toekomst van de werkenden.

‘Als dit zo doorgaat zal over tien jaar 60% van de leden boven de zestig jaar zijn’

Dit staat te lezen in een gelekt intern document uit 2018. Volgens een woordvoerder zijn “overlijden en pensionering de belangrijkste redenen voor het teruglopende ledenaantal”. Jongeren zijn nauwelijks te vinden bij de vakbond. Nog geen 4% van de leden is onder de 25 jaar.

Passieve achterban

De FNV-achterban krimpt en vergrijst, maar is nog steeds zeer bepalend als het gaat om de steun voor een akkoord. De FNV heeft een heus ledenparlement. Elke branche wordt vertegenwoordigd door een aantal leden in het ledenparlement, opvallend genoeg is in het ledenparlement de sector ‘Senioren’ het grootst met maar liefst 17 vertegenwoordigers. Ter contrast, de sector ‘Jong’ moet het met slechts 1 vertegenwoordiger doen.

FNV-leden mogen stemmen over akkoorden. FNV-leden blijken echter wat passief te zijn als het gaat om interne FNV-zaken. In 2010 mochten leden stemmen tijdens een FNV-referendum over een soortgelijke pensioendeal, de opkomst slechts 14%. In 2013 mocht de achterban hun stem uitbrengen op kandidaten voor het ledenparlement. De opkomst voor de verkiezingen was met 6,5% bijzonder laag te noemen. In 2017 mochten ze zich uitspreken over de koers van de FNV voor de komende vier jaar. Een schrikbarend laag aantal leden sprak zich uit, er werden 32 bijeenkomsten georganiseerd, waar slechts in totaal 1.200 leden op af kwamen, 0,1% van de achterban.

Nu mocht de achterban van de FNV dus weer stemmen over het belangrijkste akkoord van de afgelopen 10 jaar. De achterban mocht voor of tegen het pensioenakkoord stemmen, het 105 mens grote ledenparlement zou de uiteindelijke beslissing maken. Zou het parlement het akkoord afwijzen dan was de kans groot dat er terug naar de onderhandelingstafel gekeerd moet worden en alles weer van voor af aan moet. 0, 001% had het lot van 9 miljoen Nederlanders in handen.

Je zou verwachten dat de FNV-achterban en masse zou stemmen over dit akkoord. Na jaren van staken konden ze eindelijk eens anders hun stem laten horen. Maar ook nu bleef het overgrote deel van de achterban stil. 62,5% van de leden bracht geen stem uit over dit belangrijke akkoord. De leden die wel stemden brachten overwegend een positieve stem uit voor het akkoord en zo kwam het pensioenakkoord er alsnog. Tot grote opluchting van alle partijen.

Actiemachine, maar tegen wie?

Minder leden betekent minder inkomsten voor de FNV. Ook oudere leden betekent minder inkomsten want zij hoeven minder contributie te betalen. FNV-directeur Geerdink uitte vorig jaar zomer in een intern schrijven zijn zorgen over de financiële positie en ledenverlies van de bond. ‘In 2017 verloren we meer leden dan we in de begroting hadden verwacht. Ook 2018 laat vooralsnog een ongunstig beeld zien.’, aldus de directeur. Dat dit grote gevolgen heeft voor de begroting liet het boekjaar 2016 zien, maar liefst 23 miljoen euro verlies werd er onder aan de streep genoteerd.

Uit het document ‘Concept Meerjarenwerkplan en resultaatbegroting 2019-2021’ blijkt dat er de komende jaren een bedrag van 42 miljoen euro nodig is voor verschillende acties, terwijl er slechts 21 miljoen euro beschikbaar is. ‘Dit betekent dat de directie en het bestuur kritisch moeten kijken naar de plannen in relatie tot het beschikbare budget’, zo staat er in het werkplan.

Eind mei van dit jaar kwam het onvermijdelijke nieuws naar buiten. Bijna 400 van de 2.000 banen wil het bestuur gaan schrappen, bijna een vijfde van de FNV’ers moet er uit. Dit moet leiden tot een jaarlijks besparing van 16 miljoen euro. Een woordvoerder benadrukte dat de bond rekent op ‘natuurlijk verloop’ zoals pensionering, het aflopen van tijdelijke contracten en mensen die uit zichzelf opstappen. Volgens het reorganisatieplan dekt dit echter maar ‘een klein deel van de boventalligheid’. Daardoor zullen toch enkele honderden FNV’ers op zoek moeten naar een andere baan.

Het saneringsplan leidde na de aankondiging tot flinke onrust onder het FNV-personeel, het reorganisatieplan voldeed niet aan de eigen vakbondsnormen, vonden zij. De werknemers protesteerden zelfs voor het eigen hoofdkantoor en dreigden met stakingen. Of deze stakingen dan uit de eigen ‘oorlogskas’ mogen worden betaald is onduidelijk.

Enkele weken na de saneringsaankondiging zwichtte het FNV-bestuur voor de intern protesten en trok de plannen weer in. ‘Er wordt een pas op de plaats gemaakt’, aldus een woordvoerder van FNV. Volgens hem zal het bestuur komende tijd eerst met de achterban in gesprek gaan voor er nieuwe beslissingen worden genomen. Directeur Geerdink liet weten ‘de rust weer terug in de organisatie te willen brengen’, zo liet hij in een brief aan de het personeel weten. De interne problematiek kwam op een bijzonder onhandig tijdstip voor het FNV-bestuur. De onderhandelingen voor het nieuwe pensioenakkoorden zaten in de laatste fase. Dit heeft er ongetwijfeld voor gezorgd dat het bestuur haar reorganisatieplannen even in de koelkast heeft gestopt. Het uitstel was geen afstel, de ‘urgentie om te veranderen’ is onverminderd groot, benadrukt het FNV-bestuur. Er komt dus een volgend reorganisatieplan, maar dat zal ‘langs de lat van ons FNV-beleid’ worden gelegd, zo wordt beloofd. Er moet bezuinigd worden.

De problemen zijn groot bij de FNV, de uittocht van leden, de steeds groter wordende verliezen. Ook het aantal afgesloten CAO’s lijkt dezelfde weg als het ledenbestand achterna te gaan.

Om de FNV heen

De FNV is een type organisatie waar er één route de juiste is en dat is de FNV-route. Aan tafel zijn de onderhandelaars van FNV keihard, al decennia draait het voornamelijk om twee zaken; meer loon en eerder met pensioen. De FNV-top houdt zijn onderhandelaars kort en legt bijna overal hetzelfde eisenpakket neer ongeacht hoe goed of slecht het gaat in een branche of bedrijf.

Collega-vakbond CNV blijft naar eigen zeggen als het even kan zolang mogelijk praten met werkgevers. “We zoeken de verbinding, we kijken naar ruimte voor maatwerk, want onze leden willen dat we uiteindelijk tot resultaten komen. De FNV heeft een andere basishouding”, aldus CNV-bestuurder De Vries begin 2018. Volgens ingewijden eist FNV overal waar ze komen minimaal 3,5 procent. “Dat voelt als een dictaat”, zegt cao-deskundige Henk Strating begin 2018 in de Volkskrant.

“Dat is een slechte start. Het heeft niet eens zozeer met de inhoud te maken, maar doordat de FNV direct de 3,5 procent loonsverhoging op tafel legt met de boodschap ‘dit is het minimum’, haken werkgevers af.”.

De FNV heeft er veel baat bij om aan tafel te blijven bij bedrijven die een CAO willen gaan afsluiten. Bij iedere nieuw afgesloten cao betaalt de Algemene Werkgeversvereniging Nederland (AWVN) de betrokken vakbonden 20,83 euro per lid, waarvan de helft (10 euro per werknemer) altijd naar de FNV gaat. Het loont dus om te dreigen met stakingen om zo een CAO af te dwingen. Hoe meer partijen bezwijken onder druk van een eventuele staking, hoe beter de kas van de FNV wordt gevuld. Het geld van de AWVN mag uitdrukkelijk niet in de stakingskas belanden, maar de FNV betaalt er wel zijn personeelsleden voor die uiteindelijk weer aan tafel bij een andere partij komen en zo blijft de cirkel rond.

De keiharde opstelling van de FNV is een gevaarlijke, de tegenpartij kan van tafel lopen, met het resultaat dat de FNV met lege handen achterblijft. De stakingsacties zullen niet bepaald in het voordeel van de FNV werken als het gaat om bereidwilligheid bij onderhandelingspartners om tot een deal te komen waarbij beide partijen een goed gevoel bij hebben. Dat de harde opstelling van de FNV een uiterste houdbaarheidsdatum lijkt te hebben bereikt, blijkt uit recente cijfers van succesvol afgesloten CAO’s.

In 2014 werd er nog maar één akkoord zonder de FNV gesloten, in 2015 steeg dat naar 20, in 2016 naar 21 en in 2017 werden 28 cao’s afgesloten waar de FNV niet aan meedeed.

“Op een totaal van honderden akkoorden is dit nog niet heel veel, maar het ging wel om cao’s waar heel veel mensen onder vallen”

zo bevestigt een woordvoerder van AWVN. KLM-cabinepersoneel , Jumbo-distributiewerknemers, bakkers, Picnic, Action en recent HEMA, allen kozen zij er voor om niet met de FNV in zee te gaan. Het siert de FNV dat zij geen CAO’s afsluiten om puur de eigen kas te spekken. Het ideologisch karakter van liever geen CAO dan een slechte CAO is een mooi tegeltje maar tegelijkertijd verloor de FNV in een aantal jaar bijna 30 procent van zijn ‘marktaandeel’ in CAO-onderhandelingen aan concurrentvakbond CNV.

Beleggen met contributie

Hoewel de meeste cijfers rondom de FNV bedroevend zijn, hoef je geen medelijden te hebben wanneer het totaal eigen vermogen in beeld komt. Dit eigen vermogen wordt zorgvuldig buiten de media en ver van de leden gehouden, recente cijfers zijn niet te vinden. Volgens een intern FNV-document bedroeg het totaal vermogen van de FNV begin 2015 maar liefst 725 miljoen euro. Er zou meer dan 100 miljoen euro in de ‘oorlogskas’ zitten, bedoelt om stakingen mee te financieren en de post Eigen Vermogen is gevuld met bijna een half miljard euro.

De FNV is naast ‘actiemachine’ namelijk ook een actief beleggingsinstituut. Zo zit het FNV in het Sustainable Pension Investments Lab (SPIL), het SPIL bestaat uit een tiental bestuurders en experts op het terrein van pensioenen en beleggingen en ‘veel waarde hechten aan duurzaamheid en ontwikkelen zij ideeën voor een verdere verduurzaming van de belegging van de Nederlandse pensioengelden’. Bij de VBDO, de Nederlandse Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling zit ook een afvaardiging van de FNV. De vereniging werkt naar eigen zeggen aan het ‘creëren van een duurzame kapitaalmarkt en stimuleert financiële instellingen en beursgenoteerde ondernemingen om beter te presteren op het gebied van duurzaam beleggen’.

De FNV heeft een goede neus voor beleggen, in 1996 verkocht FNV zijn belang in verzekeraar Reaal aan SNS voor een recordbedrag van 400 miljoen gulden. In 2002 ging het fout, meer dan 250 FNV-werknemers verloren hun baan, mede als gevolg van miljoenenverliezen met beleggingen. Maar de afgelopen jaren doet de FNV het prima als belegger. In 2015, de laatste openbare cijfers behaalde de FNV een rendement van 6,2% op haar beleggingen, ruim € 40 mln.

Penningmeester en bestuurslid Coen van der Veer liet eind 2015 in het FD trots optekenen:

‘In het eerste kwartaal stond het resultaat zelfs op € 60 miljoen door een piek in de aandelenkoersen. Ik moest alle hongerige handjes van me afslaan. Iedereen zei: we lopen binnen! Ik zei: nee, dit zijn pas de eerste drie maanden. Daar komt bij: ons beleid is dat we naast onze stakingskas altijd € 300 miljoen in kas houden om het anderhalf jaar uit te zingen als alle inkomsten in een keer zouden wegvallen.’

De zakken van de FNV zijn diep genoeg om een aantal jaar van verlies op te kunnen vangen. Het meest zorgelijke voor de FNV is misschien wel dat er geen kentering in zicht is. De FNV presenteert zich nog steeds handig als ‘grootste werknemersvertegenwoordiging van Nederland’, maar kijkend naar de vergrijzende achterban, de uittocht van leden en het aantal afgesloten CAO’s , is het tijd om anders naar de FNV te gaan kijken.

Tijd voor een nieuw speelveld

De FNV vertegenwoordigt een grote groep werknemers, maar wel een specifieke groep. Deze groep bestaat uit werknemers in loondienst die dicht tegen hun pensioen zitten. Het is goed dat een vakbond als FNV opkomt voor deze groep, zij hebben hun strepen in het werkveld verdiend en het feit dat het pensioen in zicht is moet door iets of iemand ook verdedigd worden. Dat dit de FNV is, is prima.

Wat niet goed is, is dat FNV zich presenteert als nationaal verdedigingsbolwerk voor elke werkende Nederlander. Het FNV-bestuur (gemiddeld 57 jaar) wil niet accepteren hoe flexibilisering en mondialisering van de arbeidsmarkt anno 2019 georganiseerd is. Vaste contracten afdwingen, verplichte verzekeringen, bevroren AOW- en pensioenleeftijden, het is cruciaal voor bijna-gepensioneerden, maar voor mensen die nog 20, 30 of 50 jaar moeten werken is dit een zinloze strategie. De realiteit is dat Nederland er anders bij ligt dan tijdens de hoogtijdagen van de FNV ergens in de jaren ‘70 en ‘80.

Vaste contacten afdwingen, boetes voor robotisering willen invoeren, stakingen, het kan er toe leiden dat bedrijven zeggen dat het genoeg is geweest en vertrekken uit Nederland. Genoeg andere landen die staan te springen om nieuwe bedrijven. Over de gevolgen van haar eigen strategie voor de huidige generatie werkenden lijkt de FNV zich weinig te bekommeren, als de bijna gepensioneerden maar snel met pensioen kunnen. Wie het allemaal moet financieren, dat houden ze handig in het midden.

Op een totale beroepsbevolking van 9,2 miljoen Nederlanders, mag het niet zo zijn dat een ledenparlement van 105 personen bepaalt wat er met de toekomst van werkend Nederland gaat gebeuren. De FNV heeft nu een belangrijke plaats aan de onderhandelingstafel op basis van historie, van sentiment en op basis van vrees voor acties. Het is tijd om een zetelverdeling van invloed te gaan introduceren bij grote en nationale onderhandelingen.

Hoe groter, representatiever, diverser en actiever de achterban is van een organisatie, hoe groter de invloed is bij cruciale onderhandelingen. Alleen dan kunnen er akkoorden worden gesloten waarbij echt álle groepen Nederlanders in vertegenwoordigd zijn.

Delen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.